Wil je kinderen hun woordenschat vergroten? Met deze woordkaarten kun je verschillende leuke, korte activiteiten doen. Kies één of meerdere activiteiten uit en laat de kinderen spelenderwijs woorden leren.
- Woorden flitsen: Laat de woordkaarten één voor één zien. De kinderen zeggen hardop welk woord erbij hoort.
- Mix en ruil: Elke leerling loopt met een woordkaart door de klas. Wanneer twee leerlingen elkaar tegenkomen, zeggen ze om de beurt welk woord op hun kaart staat. Daarna wisselen zij van kaart en lopen verder.
- Hakken en plakken: Leg de woordkaarten verspreid neer. Hak een woord in klanken of lettergrepen. De leerlingen raden welk woord het is en wijzen de juiste woordkaart aan.
- Reeksen: Noem een reeks van drie of meer woorden. Laat de leerlingen de juiste woordkaarten pakken en in de juiste volgorde leggen.